Eva

Boudewijn de Groot: Ik houd de wereld in m'n hand, het glazen ei vol land en wolken. Ik zal de hemel gaan bevolken, ik roep de varens uit het zand. Ik schud de apen uit m'n mouw, de spikkelpanters en de mieren, het blauw konijn, de krabbeldieren. Ik strooi topaas, azuur en dauw. Ik weet nu dat ik alles kan. Ik ken de dieren aan hun vel, de vogels aan hun notenspel en ik geef namen aan de man. De verf die ik morste vliegt plotseling in brand, 't pallet valt vlammend uit mijn hand. De aarde zwaait open, ik zie haar lopen in m'n eigen groene gras. Wil jij soms wit wezen dat ik je niet ken en dat ik niet almachtig ben. Je wilt me vergeten, mijn vruchten eten en me bedriegen met je man. Hier in je lichaam van albast zie ik de roze vlammen branden en wat je wilt valt in je handen, je hebt m'n wereld aangetast. Daar sluipt de groen gevlekte kat en heeft de merel al te grazen, de leguaan gaat bellen blazen, kruipt op vijf poten over 't pad. De vleesboom rijst het water uit en rinkelt met zijn glazen snaren. Er zit in de kristalpilaren een uil die schuine liedjes fluit. Hier sta ik voor zot in m'n kamerjapon, ik dacht wel dat ik alles kon. En ben ik verdwenen dan komt op zijn tenen de engel met het grote mes.
Alle teksten, afbeeldingen, geluiden en creaties zijn Copyright van de Passiebloem. Wil je iets gebruiken? Mail dan naar: mirrirocks@gmail.com en vraag om toestemming.

You are viewing the text version of this site.

To view the full version please install the Adobe Flash Player and ensure your web browser has JavaScript enabled.

Need help? check the requirements page.

Get Flash Player